9. Wie heeft er belang bij het voortbestaan van België?

Het ligt natuurlijk voor de hand dat het koningshuis pleit voor het voortbestaan van België. Het gaat immers om hun job en die van hun kinderen. Koning Albert krijgt daarvoor de steun van alle Franstalige partijen en vergeet daarbij even dat de Franstalige minderheid het land na de Tweede Wereldoorlog aan de rand van de afgrond bracht door Leopold III tot ontslag te dwingen, nadat een democratische - vooral Vlaamse - meerderheid zich in een referendum had uitgesproken voor zijn terugkeer.

De plotse Franstalige aanhankelijkheid aan het paleis en de Belgische staat is vooral ingegeven door het eigenbelang. Die Belgische staat is immers tot nader order de beste garantie voor de bescherming van hun belangen en de miljardentransfers van Vlaanderen naar Wallonië. Dat levert hen trouwens een aardig verstandshuwelijk op. Zo trekt het Koningshuis in belangrijke politieke dossiers altijd de kaart van de Franstaligen. Denk maar aan het geheime onderonsje van Koning Boudewijn met José Happart, aan de bemoeienissen in het dossier van de Generale Bank, de afgeschoten fusie van Sabena met het Nederlandse KLM en de uitspraken in de politieke crisis rond Brussel-Halle-Vilvoorde.

Aan Vlaamse kant hebben de traditionele partijen als het erop aan kwam ook altijd gekozen voor de Belgische en niet voor de Vlaamse belangen. Stoere Vlaamse taal als ze in de oppositie zitten en Vlaamse toegevingen van zodra ze in een Belgische regering stappen. Zo is het altijd geweest. Van CVP tot CD&V en van PVV tot VLD. Ook de aan de traditionele partijen verbonden vakbonden en ziekenfondsen kiezen nog altijd voor de zogenaamde Belgische ‘solidariteit’. Zelfs als dat ingaat tegen de belangen van hun Vlaamse leden en de diefstal van Vlaamse welvaart dagelijks tientallen jobs kost. Het is duidelijk dat ze de Belgische ‘evenwichten’ en profijtjes veilig willen stellen.

Dat links in Vlaanderen in de bres springt voor het behoud van het oude, voorbijgestreefde en totaal achterhaalde België mag op het eerste zicht verbazing wekken. Wie is er in feite ‘conservatief ’? Voor die houding zijn enkele simpele verklaringen. Links is een vurig aanhanger van de multiculturele samenleving en België moet in hun ogen het lichtende voorbeeld zijn van een staat waarin meerdere volkeren en culturen vreedzaam kunnen samenleven. En ja, als het tussen Vlamingen en Walen al niet wil lukken, hoe zou het dan kunnen lukken tussen mensen waarvan de culturele, etnische en religieuze verschillen nog ettelijke keren groter zijn?

Een tweede verklaring volgt uit eenvoudige electorale berekeningen. De linkerzijde stelt in Vlaanderen niet zoveel meer voor. Uit een enquête van het vakblad ‘De Journalist’ (mei 2003) bleek dat de pers overwegend of uitsluitend links is, maar de meerderheid van de kiezers stemt rechts of centrum-rechts. Toch wordt Vlaanderen opgezadeld met een links bestuur. Links is als de dood voor een rechts of conservatief “Beieren aan de Noordzee”. Het bestaan van België is hun reddingsboei, de laatste strohalm waaraan ze zich vastklampen. Het geeft hen een politiek gewicht dat helemaal niet meer in verhouding staat tot hun resultaten in de stembus. Dankzij de band met de machtige Parti Socialiste zijn ze immers verzekerd van de macht.

En zo hebben de Franstaligen en de linkerzijde, het Koningshuis en het Belgische establishment elkaar gevonden in een verstandshuwelijk, een bizar monsterverbond, een verbond tegen Vlaanderen.

Journalist Karl Van den Broeck windt daar ook geen doekjes om in De Morgen van 28 februari 2005: “België mag Vlaanderen dan al jaarlijks vele tientallen miljarden kosten, dankzij het sterke linkse blok in Wallonië blijft het gespaard van een rechtse politiek. Toegegeven, het is een opportunistisch argument om het vermaledijde België in stand te houden. Maar wel een ijzersterk.”

Zo hoort u het ook eens van een ander. Dankzij België zit de Vlaamse kiezer - die vooral rechts stemt - opgezadeld met een linkse regering en een beleid waarvoor hij niet gekozen heeft. Wat Van den Broeck een argument voor het behoud van België noemt, is voor ons een argument temeer voor Vlaamse onafhankelijkheid. Een ijzersterk argument.

“De splitsingseis van de Vlaamse ziekenhuizen bewijst alvast dat communautaire tegenstellingen meer zijn dan hersenspinsels van wereldvreemde politici en wel degelijk ook bij de basis leven. In dit geval gaat die basis zelfs in tegen de eigen zuilen. Die zuilen hebben alle belang bij het voortbestaan van een federale sociale zekerheid, maar weten dat belang handig te verdoezelen met een discours van solidariteit.”

Journalist Stefaan Huysentruyt in De Tijd van 23 november 2004

 

 

“Voor de façade worden ter verdediging van het cordon sanitaire ‘anti-racistische’ argumenten ingeroepen, maar wie met politiek bezig is weet dat het cordon alléén bestaat om België in stand te houden als een natie in dienst van een coalitie van Waalse, francofone, kapitalistische, monarchale en syndicaal-conservatieve belangen. Door het cordon schakelt men immers een vierde van Vlaanderen uit, zodat er een fracofoon-Belgicistische meerderheid ontstaat, en deze meerderheid

zowel in Vlaanderen als in België verzekerd blijft van de macht.”

Publicist Mark Grammens in Journaal van 26 mei 2005

 

Terug naar menu

Ik ben voor Vlaamse onafhankelijkheid: